Actueel
Burgemeester op bezoek bij Kerngroep Jongeren
The Village, een buurthuis in Nieuw West, stroomt op de namiddag van woensdag 25 maart vol met jongeren. Buiten stroomt ijskoude regen. Binnen geven de jongeren elkaar gemoedelijke schouderklopjes, praten ze over schooltoetsen en ploffen ze met flesjes water en bekertjes thee op de sfeervolle groene en bruine banken. Het zijn de twintig Kerngroep Jongeren: betrokken en gepassioneerde 14 tot 23-jarigen uit Nieuw West. Ze komen hier wekelijks om plannen te bedenken en projecten op te zetten om het leven in hun stadsdeel te verbeteren.
Uit goede wil
Vandaag is een bijzondere dag. Burgemeester Halsema komt langs om te luisteren naar de plannen van de jongeren. En zij kunnen vragen stellen aan de burgemeester. Heel belangrijk, dat vinden zij zelf ook, maar van zenuwen voor dit bezoek lijkt geen sprake. “Nee, het is niet spannend”, zegt Amira (16): “Ik vind het goed dat de burgemeester betrokken is en dat ze wil weten wat er in Nieuw West speelt en wat voor goeds wij doen.” “Ze is ook gewoon een mens’, vervolgt Manal (20): “Ze doet gewoon lekker haar baan en ze komt hier uit goede wil.”
Toekomst van Nieuw West
Even later zit de groep met hun begeleiders én de burgemeester in een grote kring. Een paar weken geleden is voor het derde jaar op rij een nieuwe Kerngroep begonnen en voor deze gelegenheid schuiven ook een paar leden uit de eerste en de tweede lichting aan. Zij beginnen met een presentatie waarin ze vertellen wat de eerste Kerngroepen hebben bereikt. “We vertegenwoordigen de toekomst van Nieuw West,” vertelt Manal op professionele én trotse toon. “We hebben een stem gekregen om dingen in te brengen en te veranderen. We volgen workshops, trainingen en we denken en beslissen mee over thema’s zoals werken, wonen, armoede, school en andere dingen die we zelf mogen uitkiezen, want het gaat erom wat óns bezighoudt: wij hebben de regie.” Aliya (19) vertelt waar ze trots op zijn: studieplekken voor middelbare scholieren, LOB-lessen (Loopbaan Oriëntatie Begeleiding) en projecten met de Buurtkeuken en het Leger des Heils, bijvoorbeeld.

Liefde voor Nieuw West
De burgemeester hangt aan de lippen van de enthousiaste jongeren en vraagt waar hun liefde voor Nieuw West vandaan komt. De jongeren zijn het erover eens dat ze een soort familie vormen in Nieuw West. Ze voelen zich thuis in de mix van alle verschillende culturen die er wonen. Het is als een groot klein dorp, zegt iemand. Het voelt alsof iedereen elkaar kent: “Op straat zegt bijna iedereen ‘Hallo’ of ‘Salam alaykum’, dat voelt heel vertrouwd.” “En veilig waarschijnlijk,” vult de burgemeester aan. “Ja precies, dit is echt thuis,” antwoordt een jonge vrouw. Een ander vult aan dat de diversiteit in het stadsdeel hetzelfde is als de toekomstige Nederlandse samenleving: in 2050 heeft de helft van de Nederlandse bevolking een niet-Nederlandse achtergrond. Dat beaamt de burgemeester. Zij kan zich voorstellen dat jongeren met een immigratie-achtergrond zich niet overal in Nederland even veilig en welkom voelen, maar dat dat in Nieuw West misschien juist wel het geval is, en dat het daardoor ook prettiger voor hen is hier. Daar herkennen de jongeren zich in. Een jongen bevestigt dat de acceptatie hier groter is dan in bepaalde steden en dorpen: “Misschien is dat de beste reden om van Nieuw West te houden.” Manal: “Waar je op een andere plek anders bent, ben je hier normaal.”
Goed onderwijs
De burgemeester vertelt dat in Nieuw West het onderwijsniveau het snelste omhooggaat. De aandacht gaat altijd naar die één of twee procent jongeren die er een beetje een zooitje van maakt, maar jongeren doen het hier goed in het onderwijs en ze hebben ambitie. Haar zorg is wel dat er in het stadsdeel niet genoeg werk op hoger niveau is.
Parels voor de stad
Er volgt een gesprek over de kansen op werk in de toekomst, over het tekort aan bedrijven in het stadsdeel en de burgemeester doet de suggestie om de LOB-lessen die de jongeren ontworpen hebben ook te maken voor bedrijven en organisaties, zodat die ontdekken wat er in Nieuw West mogelijk is. Want het stadsdeel heeft volgens haar een imagoprobleem. Hierover zijn de jongeren het met de burgemeester eens. Een jongen vertelt dat sommige mensen die niet uit Amsterdam komen denken dat het hier een dierentuin is, dat je niet gewoon met mensen kunt praten. “Er zijn veel vooroordelen,” erkent de burgemeester. Zij kan zich ook voorstellen dat er veel discriminatie is over sluiers. Klopt dat? Er wordt geknikt. Ja, ze worden soms ook nagestaard. Dat vindt de burgemeester een schande: “Jullie zijn juist parels voor de stad.” Uit verschillende kanten klinkt “Dank u wel”.
Zelfbewust
De burgemeester vindt deze jongeren en de rest van hun generatie heel zelfbewust. “Lezen jullie allemaal Lotfi El Hamidi?” Veel jongeren kennen hem inderdaad. De burgemeester raadt zijn werk aan. Hij is wel iets ouder dan deze jongeren, maar zij zullen zijn verhaal herkennen. Hij weigert zich nog langer te schamen. Hij is trots en dat ziet de burgemeester ook heel sterk bij de jongste generatie, zoals die van de Kerngroep Jongeren. Zij gaan niet meer sorry zeggen voor wie ze zijn of voor wat ze geloven. Zelfbewustzijn is heel hard nodig, stelt ze. Jullie zijn de voortrekkers, de voorhoedes.
Woningtekort
De jongeren stellen de burgemeester vragen over de woningnood. Ze zijn goed op de hoogte en weten dat dit al sinds na de Tweede Wereldoorlog speelt. De Burgemeester bevestigt het woningtekort en legt uit hoe de situatie komt, dat de stad groeit, dat mensen groter zijn gaan wonen en dat helaas de volkshuisvesting voor een groot deel is geprivatiseerd en er dus vooral meer dure woningen bij komen. En dat Amsterdam de enige gemeente is die eist dat er veertig procent Sociale Woningbouw is. Het goede nieuws is dat er heel hard wordt gebouwd, zegt zij, en dat ook veel schimmelwoningen worden aangepakt, maar dat er nog steeds niet genoeg woningen zijn. Dat lost het probleem voor de jongeren niet meteen op, maar de meesten begrijpen nu beter waardoor het komt.

Netwerken
Wanneer de burgemeester hoort dat 140 jongeren zich voor deze Kerngroep hebben aangemeld en dat er maar twintig konden meedoen, vraagt ze hoe ze dit project groter kunnen maken. Manal antwoordt direct dat ze dit precies aan de burgemeester wilde vragen. Iedereen lacht en dan tuimelen de ideeën over schaalvergroting over elkaar heen. Hoeveel jongeren kunnen praktisch gezien meedenken over beleid? Er is ook al de Jongeren Advies Raad Amsterdam. En misschien is het onderlinge netwerk van de jongeren wel minstens zo belangrijk als het ontwerpen van beleid door jongeren. Met onderlinge netwerken maak je elkaar sterker en onafhankelijker. Jongeren kunnen ook klankgroepen opzetten over armoede, over werk, opperen ze zelf. De Burgemeester benadrukt dat ze het zo geweldig vindt wat de Kerngroep doet, dat ze het graag keer duizend vermenigvuldigd zou willen zien, met netwerken van jongeren, misschien wel voor de hele stad.
Enthousiast
De positieve energie stuitert aan het eind van het gesprek door de ruimte. De burgemeester én de jongeren zijn enthousiast over hun ontmoeting. De burgemeester nodigt de jongeren uit om te komen vertellen wat ze doen bij de grote Alliantie van het Nationaal Programma. De jongeren willen graag hun ideeën verder uitwerken en hopen op hulp van de burgemeester bij de uitwerking ervan.
Hoop voor de toekomst
Wanneer na het gezamenlijke fotomoment de burgemeester is vertrokken eten de jongeren nog samen een maaltijd die moeders uit de buurt voor hen gekookt hebben. Broodjes met warm vlees en aardappelsalade.
De jongeren vertellen dat ze zich gezien en gehoord voelen door de burgemeester. Ze merken dat zij goed weet wat er in Nieuw West speelt. “Ze noemde ons parels,” zegt Amira. “Dat vond ik leuk om te horen. Ik hoop dat we een volgende keer kunnen bespreken wat ze concreet voor ons kan doen, want ik hou van daden. Gelukkig ziet ze dat hier veel kansen zijn en hoge schoolresultaten. Ik ben blij dat zij weet wie we zijn en wat we doen.”
Aliya: “Ik vond het fijn dat ze vragen aan ons stelde en dat ze ook onze vragen beantwoordde. Het voelt ondersteunend dat ze de organisatie groter zou willen zien. Dat geeft hoop op goede samenwerkingen in de toekomst.”
Foto’s: Safaa Bagkari

